Op voorhand, ik ben inhoudelijk niet betrokken bij de verkoop van Solvinity aan Kyndryl. Wel heb ik ervaring met het verkopen van een bedrijf waar juridische en politieke toetsing is toegepast, vanuit het oogpunt van nationale veiligheid. Bureau Toetsing Investeringen (BTI) is voor mij niet onbekend door de overname van Sentyron (het oude Fox Crypto) door CR Group.
Ik constateer op afstand dat veel mensen een mening hebben over de voorgenomen verkoop van Solvinity. De woorden vertrouwen en digitale soevereiniteit komen vaak aan bod. Een groep van experts roept zelfs op om de verkoop tegen te houden.
Waarom is dit vraagstuk genuanceerder dan het maatschappelijk debat nu doet voorkomen?
Ten eerste denk ik niet dat je het onderliggende probleem zo op een goede, constructieve manier oplost door een verkoop bij voorbaat te blokkeren. De reflex om “nee” te zeggen voelt misschien veilig, maar verlegt de discussie niet naar waar het werkelijk over zou moeten gaan: hoe borg je vertrouwen op een structurele en toetsbare manier? Waarom niet kijken naar de mogelijkheden om de verkoop wel door te laten gaan, gecombineerd met maatregelen die helpen dat vertrouwen aantoonbaar te borgen.
Uit ervaring kan ik zeggen dat de overheid die instrumenten heeft. BTI heeft daar ook ervaring mee. Bij eerdere transacties heb ik gezien dat juridische en governance-afspraken nationale veiligheidsbelangen kunnen borgen, zonder de commerciële realiteit uit het oog te verliezen. Combineer dat desgewenst met ook een technische toets, met insteek om afdoende garanties te creëren waarmee dat vertrouwen ontstaat. En laat dat over aan de experts die verstand hebben van deze materie, zowel juridisch als technisch.
Laat BTI het proces doorlopen en met een goed onderbouwd oordeel en een set aanbevelingen komen. Aanbevelingen die aantoonbaar bijdragen aan het adresseren van de zorgen die bestaan. Dat is precies waarvoor dit instrument is ingericht. Ik weet zeker dat de medewerkers van Solvinity niets anders willen dan een dienstverlening leveren waarbij dat vertrouwen aan de basis staat. De bereidheid om de overheid daar in tegemoet te komen is daar ook ongetwijfeld.
Een andere reden waarom ik het een slecht idee vind om een verkoop te verbieden, is dat het een verkeerd signaal is aan investeerders en ondernemers. Heb je de overheid als klant, is een potentiële verkoop in de toekomst opeens direct meer complex, met onzekerheid. Als investeerder zit je ook niet te wachten op een breed uitgemeten publiek debat, waarbij sentiment zeker ook een grote rol kan spelen. Juist de mogelijkheid van overname maakt innovatie mogelijk: het trekt investeringen aan, stimuleert ontwikkeling, werkgelegenheid en maakt schaal en continuïteit financierbaar.
Mijn ervaring bij Sentyron laat zien dat het wel kan. Daar heeft de overheid via Invest-NL een prioriteitsaandeel genomen, specifiek om de soevereiniteit van bepaalde gevoelige oplossingen te waarborgen. Niet om de onderneming stil te zetten of commerciële groei te blokkeren, maar om via gerichte governance-rechten publieke belangen veilig te stellen.
Dit is een concreet voorbeeld waarbij soevereiniteit niet zwart-wit hoeft te worden ingevuld. Je kunt heel gericht sturen op controle en waarborgen, zonder eigendom als allesbepalend criterium te hanteren.
Wat kan en zou de overheid dan nog meer kunnen doen:
- In haar leveranciersmanagement en inkoop vooraf duidelijkheid geven over de voorwaarden waaronder dienstverlening plaatsvindt en wat dit betekent bij een mogelijke toekomstige overgang van eigendom.
- Het aangaan van strategische partnerships met het Nederlandse bedrijfsleven, gericht op het opbouwen van een langetermijnvertrouwensrelatie. Dit maakt schaal en continuïteit op lange termijn mogelijk.
Ik hoor ook stemmen dat de overheid het in dergelijke situaties maar zelf, in house, moet gaan doen. Ik vraag mij sterk af of dat de meest effectieve en efficiënte oplossing gaat zijn. Wellicht los je het probleem van ongewenste buitenlandse inmenging op, maar tegen welke prijs, letterlijk.
Gebruik juist de kracht en expertise die het bedrijfsleven biedt en combineer dat in de belangen met gepaste, reeds beschikbare, instrumenten om dat vertrouwen ook te bieden.